De dagen worden langer. Buiten kondigen bloesems de lente aan. Een
natuurlijk ritme dat je kunt voelen: een lentedag voelt anders aan dan
een zomer-, herfst- of winterdag.
Onze kalender is ook op dit ritme gebaseerd. Zomervakantie en kerstdagen
zijn voor bijna iedereen vaste punten in het jaar. Het is bijna Pasen, de jaarlijkse Matthäuspassion is voor sommigen ook zo 'n moment.
Een
ritme geeft duidelijkheid aan mensen en organisaties:
werkweken, boekjaren en vaste sportavonden zijn erop gebaseerd. Maar een ritme geeft ook reliëf aan het leven - zonder dit soort
ritmes zou iedere dag wel erg hetzelfde zijn.
En een ritme helpt ons om inspanning en ontspanning af te wisselen. Een levensbehoefte voor mensen:
zelfs de meest verwoed scheppende kunstenaar of ondernemer werkt het
best als hij momenten van gedreven de grens opzoeken afwisselt met
momenten van achterover leunen en bijtanken.
Strekken - consolideren noemt Robert Fritz dat patroon, dat voorkomt dat we in lethargie wegzinken (consolideren - consolideren - consolideren) of onszelf opbranden (strekken - strekken - strekken).
Jammer
dus dat we steeds meer los komen te staan van die ritmes.
Door
kunstlicht hoeven we niet meer te gaan slapen als de zon ondergaat.
Door
de voedselindustrie kunnen we in januari zomerse groenten eten.
In de
24-uurseconomie wordt gelachen om het idee van 's avonds vrij zijn.
En
door de ontkerkelijking is één rustdag per week ook niet echt hip meer.
Daardoor
moeten we steeds meer - en meestal ieder voor zich - onze eigen ritmes
maken, en vaak vergeten we dat. Ook in organisaties, met de voortdurende
reorganisatierondes als typisch voorbeeld van dat strekken - strekken - strekken -patroon, waarin medewerkers de prijs betalen voor de dadendrang van nieuwe managers, voor de druk van de markt, en vooral voor onze neiging om geen rekening te houden met het natuurlijke ritme van spannen en ontspannen.
Ik merk dat ik de afgelopen tijd meer bezig ben geweest met dit soort ritmes. In allerlei vormen:
Scheiding maken tussen weekdagen en weekeinddagen.
De zakelijke mail 's avonds en in het weekeind dicht houden.
Erwtensoep maken in de winter.
Af en toe eens tussen de bloesems of de herfstbladeren wandelen.
En
in de aanloop naar Pasen eens grijpen naar de CD van de
Matthäus.
(de tweede opname van Herreweghe, voor wie het wil weten. Linkje voor wie het wil horen.)
woensdag 25 maart 2015
maandag 16 maart 2015
'Zeggen dat alles klote is, is de makkelijkste weg'
Afgelopen vrijdagavond overleed René Gude, oud-directeur van de Internationale School voor Wijsbegeerte, tot begin van dit jaar Denker des Vaderlands, en 'standup filosoof' zoals hij zichzelf noemde - nogal ironisch aangezien hij de laatste jaren van zijn leven als gevolg van kanker maar één been had.
Worden wie je bent
Gude was het soort filosoof dat zich niet hult in duisterheden maar juist de filosofie helder en praktisch toepasbaar wil maken. Filosofie was voor hem 'knutselen aan je gedachten' om daarmee (in de woorden van Nietzsche) 'te worden wie je bent', ofwel de best mogelijke versie van jezelf die je in die paar decennia uit de ruwe steen kunt hakken.
Productief denken
Gedachten waren voor Gude de ingang. Want wat ons overkomt, daar kunnen we meestal weinig aan veranderen. Wat we erbij voelen, idem dito. Maar hoe we over die dingen denken, daar hebben we invloed op.
We kunnen onze gedachten gebruiken om nog wat extra te zwelgen in gevoelens van angst en woede, om onszelf een beeld van doelloosheid aan te praten. Als lid van de 'Verloren generatie' in de jaren '70 kende Gude zelf dat patroon maar al te goed, zo vertelde hij interviewer Wim Brands.
Of we kunnen een andere weg gebruiken. Filosofie werd Gudes middel om zijn gedachten juist helder te houden en productief te kunnen gebruiken. 'Ik kon eerst helemaal niet zo goed denken,' zei hij. Dat hij het aan het eind van zijn leven tot Denker des Vaderlands had geschopt vond hij zo te horen tegelijkertijd een grote eer en een reuzemop.
Optimisme
Zijn boodschap was optimistisch. Niet in de wezenloze vorm die stelt dat alles goed is. Maar dat het leven waardevol is, en dat het zinvol en mogelijk is om de dingen beter te maken.
Dat kost vaak inspanning. 'Het leven is soms best een gedoe,' zei hij, en hij kon het weten. Maar ook: 'zeggen dat alles klote is, is de makkelijkste weg.' Depressionisme, zo noemde hij zijn realistische vorm van optimisme, ongetwijfeld met een ferme knipoog.
Beïnvloedbaar
Een van zijn belangrijke lessen was verder dat niemand alleen leeft. 'Zelfs als je een klootzak wilt zijn heb je iemand nodig om een klootzak tegen te zijn,' zei hij.
Hij pleitte er dus ook voor dat mensen zich beïnvloedbaar opstellen, ofwel dat ze zich door anderen durven te laten inspireren. Hijzelf vormde veel van zijn gedachten juist in gesprekken met anderen. 'Dat is eigenlijk een heel goed idee,' zei hij nog in een gesprek met de presentator van het programma 'De Kist' (waarin hij overigens ook zonder blikken of blozen een éénbenige doodskist paste).
Dat betekende overigens niet dat hij een softe kijk op relaties had. 'Maak ruzie,' zei hij. 'Als je ruzie maakt bent je in elk geval geïnteresseerd.' En: 'Wees trouw. Maar blijf niet uit pure trouwigheid je hele leven bij iemand die niet bij je past.'
Waardevol
Dat Gude veel bezig was met het denken betekende niet dat hij een mens zonder gevoelens was. Integendeel, in de latere interviews zagen we een geëmotioneerd man, vol verdriet over het feit dat dat mooie leven doorging maar dat hij er geen deel meer van kon uitmaken. Met gevoelens van angst en woede had hij niet zo veel, maar dat verdriet kon hij waarderen.
'In verdriet kun je verblijven,' zei hij.
Het verdriet over iets wat hij moest gaan missen was voor hem een bevestiging hoe enorm waardevol het voor hem was.
Worden wie je bent
Gude was het soort filosoof dat zich niet hult in duisterheden maar juist de filosofie helder en praktisch toepasbaar wil maken. Filosofie was voor hem 'knutselen aan je gedachten' om daarmee (in de woorden van Nietzsche) 'te worden wie je bent', ofwel de best mogelijke versie van jezelf die je in die paar decennia uit de ruwe steen kunt hakken.
Productief denken
Gedachten waren voor Gude de ingang. Want wat ons overkomt, daar kunnen we meestal weinig aan veranderen. Wat we erbij voelen, idem dito. Maar hoe we over die dingen denken, daar hebben we invloed op.
We kunnen onze gedachten gebruiken om nog wat extra te zwelgen in gevoelens van angst en woede, om onszelf een beeld van doelloosheid aan te praten. Als lid van de 'Verloren generatie' in de jaren '70 kende Gude zelf dat patroon maar al te goed, zo vertelde hij interviewer Wim Brands.
Of we kunnen een andere weg gebruiken. Filosofie werd Gudes middel om zijn gedachten juist helder te houden en productief te kunnen gebruiken. 'Ik kon eerst helemaal niet zo goed denken,' zei hij. Dat hij het aan het eind van zijn leven tot Denker des Vaderlands had geschopt vond hij zo te horen tegelijkertijd een grote eer en een reuzemop.
Optimisme
Zijn boodschap was optimistisch. Niet in de wezenloze vorm die stelt dat alles goed is. Maar dat het leven waardevol is, en dat het zinvol en mogelijk is om de dingen beter te maken.
Dat kost vaak inspanning. 'Het leven is soms best een gedoe,' zei hij, en hij kon het weten. Maar ook: 'zeggen dat alles klote is, is de makkelijkste weg.' Depressionisme, zo noemde hij zijn realistische vorm van optimisme, ongetwijfeld met een ferme knipoog.
Een van zijn belangrijke lessen was verder dat niemand alleen leeft. 'Zelfs als je een klootzak wilt zijn heb je iemand nodig om een klootzak tegen te zijn,' zei hij.
Hij pleitte er dus ook voor dat mensen zich beïnvloedbaar opstellen, ofwel dat ze zich door anderen durven te laten inspireren. Hijzelf vormde veel van zijn gedachten juist in gesprekken met anderen. 'Dat is eigenlijk een heel goed idee,' zei hij nog in een gesprek met de presentator van het programma 'De Kist' (waarin hij overigens ook zonder blikken of blozen een éénbenige doodskist paste).
Dat betekende overigens niet dat hij een softe kijk op relaties had. 'Maak ruzie,' zei hij. 'Als je ruzie maakt bent je in elk geval geïnteresseerd.' En: 'Wees trouw. Maar blijf niet uit pure trouwigheid je hele leven bij iemand die niet bij je past.'
Waardevol
Dat Gude veel bezig was met het denken betekende niet dat hij een mens zonder gevoelens was. Integendeel, in de latere interviews zagen we een geëmotioneerd man, vol verdriet over het feit dat dat mooie leven doorging maar dat hij er geen deel meer van kon uitmaken. Met gevoelens van angst en woede had hij niet zo veel, maar dat verdriet kon hij waarderen.
'In verdriet kun je verblijven,' zei hij.
Het verdriet over iets wat hij moest gaan missen was voor hem een bevestiging hoe enorm waardevol het voor hem was.
maandag 19 januari 2015
Perverse Prikkels
Ik heb mij vorige maand voor het eerst een varifocus-bril laten aanmeten. Ik ben 47, mijn armen zijn nog lang genoeg, maar mijn ogen werden er wel moe van, dus het werd tijd.
Toch merk ik dat een leven lang kijken naar wat mensen drijft me wantrouwig maakt wanneer ik voor een advies afhankelijk ben van iemand (in dit geval de opticien) die me op basis van dat advies iets gaat verkopen.
Ratten, perkament
Mensen laten zich in hun beslissingen leiden door prikkels. Met een duur woord heet dat de incentive superresponse-neiging.
In zijn verzamelbundel De kunst van het heldere denken noemt Rolf Dobelli amusante voorbeelden van de onvoorziene gevolgen die prikkels kunnen hebben. Mensen die tijdens een rattenplaag juist ratten gingen fokken, omdat de autoriteiten een premie per dode rat betaalden. Dode Zeerollen die in stukken werden gescheurd, omdat er een vindersloon was uitgeloofd per stuk perkament.
Perverse prikkels noemt men dit ook wel.
Frustratie
In organisaties kom ik dit ook tegen. Wanneer je je alleen stuurt op financiële doelstellingen (of 'waarde voor de aandeelhouder'), loop je het risico dat je je klant in de kou laat staan. Wanneer je er alleen maar op stuurt om de klant te bieden wat hij op dat moment vraagt, loop je het risico dat je eigen organisatie het niet trekt of dat je te weinig investeert in de toekomst.
In de ICT-serviceorganisaties waar ik veel mee werk, kom ik nogal eens gefrustreerde coördinatoren tegen. Die zijn verantwoordelijk gemaakt voor een bepaald resultaat, bijvoorbeeld dat mensen uit meerdere afdelingen samen een gebruiker met een storing zo snel mogelijk helpen. Het probleem is dat de coördinator weinig macht heeft, en dat de mensen van wie hij de activiteiten moet coördineren door hun eigen manager op heel andere doelstellingen worden aangestuurd.
Weerstand bieden aan de prikkel
Het is goed hier alert op te zijn. En om zelf af en toe weerstand te bieden aan deze prikkels.
Een accountmanager bij mijn oude werkgever gaf daar een mooi voorbeeld van. Een klant vroeg haar om een vervolgdag voor een eerdere training waarvan het effect volgens hem begon weg te zakken.
Een belangrijke prikkel voor accountmanagers is de doelstelling (en bijbehorende bonus) om veel te verkopen. Wat de gevolgen daarvan kunnen zijn hebben we de afgelopen tijd regelmatig in het nieuws kunnen zien.
Maar deze accountmanager vroeg even door. Er bleek een flinke reorganisatie gaande. Reorganisaties gaan doorgaans niet goed samen met openheid en bereidheid om iets te leren. Onze accountmanager weigerde de vervolgdag te verkopen. Ze sprak af om weer contact op te nemen wanneer de storm wat was gaan liggen.
Zo won ze niet alleen mijn respect, maar ook (en nog belangrijker) dat van de klant.
Ik ga er maar van uit dat mijn opticien die weerstand ook heeft kunnen bieden (en dat mijn ogen mij niet bedrogen hebben).
Toch merk ik dat een leven lang kijken naar wat mensen drijft me wantrouwig maakt wanneer ik voor een advies afhankelijk ben van iemand (in dit geval de opticien) die me op basis van dat advies iets gaat verkopen.
Ratten, perkament
Mensen laten zich in hun beslissingen leiden door prikkels. Met een duur woord heet dat de incentive superresponse-neiging.
In zijn verzamelbundel De kunst van het heldere denken noemt Rolf Dobelli amusante voorbeelden van de onvoorziene gevolgen die prikkels kunnen hebben. Mensen die tijdens een rattenplaag juist ratten gingen fokken, omdat de autoriteiten een premie per dode rat betaalden. Dode Zeerollen die in stukken werden gescheurd, omdat er een vindersloon was uitgeloofd per stuk perkament.
Perverse prikkels noemt men dit ook wel.
Frustratie
In organisaties kom ik dit ook tegen. Wanneer je je alleen stuurt op financiële doelstellingen (of 'waarde voor de aandeelhouder'), loop je het risico dat je je klant in de kou laat staan. Wanneer je er alleen maar op stuurt om de klant te bieden wat hij op dat moment vraagt, loop je het risico dat je eigen organisatie het niet trekt of dat je te weinig investeert in de toekomst.
In de ICT-serviceorganisaties waar ik veel mee werk, kom ik nogal eens gefrustreerde coördinatoren tegen. Die zijn verantwoordelijk gemaakt voor een bepaald resultaat, bijvoorbeeld dat mensen uit meerdere afdelingen samen een gebruiker met een storing zo snel mogelijk helpen. Het probleem is dat de coördinator weinig macht heeft, en dat de mensen van wie hij de activiteiten moet coördineren door hun eigen manager op heel andere doelstellingen worden aangestuurd.
Weerstand bieden aan de prikkel
Het is goed hier alert op te zijn. En om zelf af en toe weerstand te bieden aan deze prikkels.
Een accountmanager bij mijn oude werkgever gaf daar een mooi voorbeeld van. Een klant vroeg haar om een vervolgdag voor een eerdere training waarvan het effect volgens hem begon weg te zakken.
Een belangrijke prikkel voor accountmanagers is de doelstelling (en bijbehorende bonus) om veel te verkopen. Wat de gevolgen daarvan kunnen zijn hebben we de afgelopen tijd regelmatig in het nieuws kunnen zien.
Maar deze accountmanager vroeg even door. Er bleek een flinke reorganisatie gaande. Reorganisaties gaan doorgaans niet goed samen met openheid en bereidheid om iets te leren. Onze accountmanager weigerde de vervolgdag te verkopen. Ze sprak af om weer contact op te nemen wanneer de storm wat was gaan liggen.
Zo won ze niet alleen mijn respect, maar ook (en nog belangrijker) dat van de klant.
Ik ga er maar van uit dat mijn opticien die weerstand ook heeft kunnen bieden (en dat mijn ogen mij niet bedrogen hebben).
maandag 12 januari 2015
Gunstige wind
Gunstige wind, dat is de nieuwjaarswens die ik in 2015 naar mijn klanten en relaties heb gestuurd.
Daar zit een persoonlijk trekje aan: 2014 was voor mij een jaar waarin de omstandigheden soms opmerkelijk mee, en soms bizar tegen zaten, een onrustig jaar met veranderlijke, vlagerige wind.
Omstandigheden
In de afgelopen decennia heb ik wel geleerd dat je, zakelijk of privé, het beste functioneert als je omstandigheden niet ziet als bepalende kracht in je leven, maar als factoren die je soms kunt gebruiken, waar je soms je vaarroute of de stand van je zeilen op moet aanpassen, maar die uiteindelijk niet bepalen welk doel jij wilt bereiken.
Tegelijk merk ik natuurlijk ook dat sommige winden beter zeilen dan andere, dat het bij langdurige windstilte niet echt opschiet, dat voortdurend tegen felle windstoten moeten opboksen je behoorlijk kan uitputten. En dat je soms, terwijl je je zeilen blijft aanpassen, oprecht kunt hopen op 'gunstige wind', voor jezelf en anderen, hoe klein je invloed daarop ook is.
Zeilboten en windmolens
Zo'n zeilboot is een populaire metafoor: het doel dat je wilt bereiken, de route ernaar toe, de manier waarop je de zeilen daarbij gebruikt. Maar ik had geen eigen foto van een zeilboot voor mijn nieuwjaarswens. Wel een paar van windmolens, gemaakt tijdens een wandeling bij Kinderdijk.
Een toevallige keuze dus, maar achteraf wel een toepasselijke.
Met een zeilboot probeer je ergens te komen. Als je uiteindelijk bent aangemeerd is het zeilen voorbij. Dit lijkt op de situatie waarin je met een project bezig bent, iets nieuws ontwikkelt, een boek schrijft, een nieuw huis zoekt, of een nieuw IT-systeem in een organisatie invoert. Een veranderdoel dus, in de woorden van Robert Fritz.
Een windmolen daarentegen draait steeds door. Als het meel gemalen is geldt altijd: morgen wordt er weer gedraaid. Dit lijkt op de situatie wanneer je iets beheert, wanneer je je best doet om gezond te leven, je relatie fris te houden of je huis op orde, of wanneer je van dag tot dag zorgt dat gebruikers dat mooie IT-systeem naar tevredenheid kunnen gebruiken. Een continuïteitsdoel dus.
Sexy ontwikkelaars en degelijke beheerders
Veranderdoelen zijn sexy. Denk aan: creativiteit, innovatie, deadlines halen, nieuwe producten.
Continuïteitsdoelen zijn veel minder sexy. Iedereen denkt dan aan: degelijkheid, routine, de zaak drijvend houden, schoonmaken, afwassen.
We concentreren ons daarom het liefst op tijdelijke sprints waarin we veranderdoelen proberen te bereiken: diëten, actieplannen van geluksgoeroes, verandertrajecten in organisaties.
Toch zijn het vaak die 'saaie' continuïteitsdoelen, de beheersaspecten, die het meeste impact hebben op je geluk en gezondheid als mens, en op de kosten en resultaten van organisaties.
Laten het nu ook de beheerders zijn die een groot deel van mijn klantengroep uitmaken. Daarom wordt 2015 voor mij ook: het jaar van de windmolen.
Ik wens iedereen nogmaals: gunstige wind!
Daar zit een persoonlijk trekje aan: 2014 was voor mij een jaar waarin de omstandigheden soms opmerkelijk mee, en soms bizar tegen zaten, een onrustig jaar met veranderlijke, vlagerige wind.
Omstandigheden
In de afgelopen decennia heb ik wel geleerd dat je, zakelijk of privé, het beste functioneert als je omstandigheden niet ziet als bepalende kracht in je leven, maar als factoren die je soms kunt gebruiken, waar je soms je vaarroute of de stand van je zeilen op moet aanpassen, maar die uiteindelijk niet bepalen welk doel jij wilt bereiken.
Tegelijk merk ik natuurlijk ook dat sommige winden beter zeilen dan andere, dat het bij langdurige windstilte niet echt opschiet, dat voortdurend tegen felle windstoten moeten opboksen je behoorlijk kan uitputten. En dat je soms, terwijl je je zeilen blijft aanpassen, oprecht kunt hopen op 'gunstige wind', voor jezelf en anderen, hoe klein je invloed daarop ook is.
Zeilboten en windmolens
Zo'n zeilboot is een populaire metafoor: het doel dat je wilt bereiken, de route ernaar toe, de manier waarop je de zeilen daarbij gebruikt. Maar ik had geen eigen foto van een zeilboot voor mijn nieuwjaarswens. Wel een paar van windmolens, gemaakt tijdens een wandeling bij Kinderdijk.
Een toevallige keuze dus, maar achteraf wel een toepasselijke.
Met een zeilboot probeer je ergens te komen. Als je uiteindelijk bent aangemeerd is het zeilen voorbij. Dit lijkt op de situatie waarin je met een project bezig bent, iets nieuws ontwikkelt, een boek schrijft, een nieuw huis zoekt, of een nieuw IT-systeem in een organisatie invoert. Een veranderdoel dus, in de woorden van Robert Fritz.
Een windmolen daarentegen draait steeds door. Als het meel gemalen is geldt altijd: morgen wordt er weer gedraaid. Dit lijkt op de situatie wanneer je iets beheert, wanneer je je best doet om gezond te leven, je relatie fris te houden of je huis op orde, of wanneer je van dag tot dag zorgt dat gebruikers dat mooie IT-systeem naar tevredenheid kunnen gebruiken. Een continuïteitsdoel dus.
Sexy ontwikkelaars en degelijke beheerders
Veranderdoelen zijn sexy. Denk aan: creativiteit, innovatie, deadlines halen, nieuwe producten.
Continuïteitsdoelen zijn veel minder sexy. Iedereen denkt dan aan: degelijkheid, routine, de zaak drijvend houden, schoonmaken, afwassen.
We concentreren ons daarom het liefst op tijdelijke sprints waarin we veranderdoelen proberen te bereiken: diëten, actieplannen van geluksgoeroes, verandertrajecten in organisaties.
Toch zijn het vaak die 'saaie' continuïteitsdoelen, de beheersaspecten, die het meeste impact hebben op je geluk en gezondheid als mens, en op de kosten en resultaten van organisaties.
Laten het nu ook de beheerders zijn die een groot deel van mijn klantengroep uitmaken. Daarom wordt 2015 voor mij ook: het jaar van de windmolen.
Ik wens iedereen nogmaals: gunstige wind!
maandag 29 december 2014
Gelukkig 2015!
Het is winter, hier in Rotterdam is het nog steeds aangevroren en glibberig op straat, en ik zit met een buil op mijn nog wat draaierige hoofd (kleine aanvaring met de deur van een fietstrommel).
Een ideaal excuus om de laatste dagen van het jaar in alle rust door te brengen, en alleen nog even deze blogpost te schrijven, met voor iedereen de beste wensen.
Een mooi en suukzesvol 2015!
Een ideaal excuus om de laatste dagen van het jaar in alle rust door te brengen, en alleen nog even deze blogpost te schrijven, met voor iedereen de beste wensen.
Een mooi en suukzesvol 2015!
maandag 8 december 2014
De waarde en de prijs
Een journalist vroeg ooit een kunstkenner: 'Wat is nu eigenlijk de waarde van dit kunstwerk?'
De kunstkenner dacht even na en noemde toen een prijs.
'Nee,' zei de journalist, een beetje uit het veld geslagen, 'ik bedoelde eigenlijk de waarde van dit kunstwerk. In de ontwikkeling van de hele kunst, en zo.'
We moeten het de kunstkenner maar vergeven. Het is erg gebruikelijk om naar de waarde te vragen als je de prijs bedoelt. Bij Tussen Kunst en Kitsch gebeurt het wekelijks vele malen.
Misschien zijn het de economen wel die hiermee zijn begonnen. Zij volharden er al eeuwen in om financiële winst het 'bedrijfsresultaat' te noemen. Alsof het voeren van een bedrijf geen andere resultaten heeft: de ecologische 'footprint', bijdrage aan het innovatieklimaat, werkgelegenheid en een goede werkomgeving, en niet te vergeten diensten en producten die voor een klant waardevol zijn.
Ook binnen de branche waar ik het meest werk, de ICT, zie ik hoe beslissingen vaak eenzijdig op basis van 'de pegels' worden genomen. Hoe soms de ICT wordt uitbesteed omdat dat goedkoper is, zonder dat men kijkt wat er nu precies voor dat lagere bedrag wordt geleverd.
Soms denk ik: beste managers, jullie hebben toch allemaal geleerd over de Balanced Scorecard? Die niet voor niets Balanced Scorecard heet: financiën doen ertoe, maar ook wat je je klant levert, of het intern allemaal geregeld kan worden, en of je voldoende investeert in groei en ontwikkeling voor de toekomst.
En wanneer managers waarde en prijs verwarren, kijken klanten en medewerkers over het algemeen niet zo zielsgelukkig als de deelnemers aan Tussen Kunst en Kitsch die van de expert horen dat het vaasje dat ze van oudtante Gemma hebben geërfd opeens duizend euro 'waard' blijkt te zijn.
De kunstkenner dacht even na en noemde toen een prijs.
'Nee,' zei de journalist, een beetje uit het veld geslagen, 'ik bedoelde eigenlijk de waarde van dit kunstwerk. In de ontwikkeling van de hele kunst, en zo.'
We moeten het de kunstkenner maar vergeven. Het is erg gebruikelijk om naar de waarde te vragen als je de prijs bedoelt. Bij Tussen Kunst en Kitsch gebeurt het wekelijks vele malen.
Misschien zijn het de economen wel die hiermee zijn begonnen. Zij volharden er al eeuwen in om financiële winst het 'bedrijfsresultaat' te noemen. Alsof het voeren van een bedrijf geen andere resultaten heeft: de ecologische 'footprint', bijdrage aan het innovatieklimaat, werkgelegenheid en een goede werkomgeving, en niet te vergeten diensten en producten die voor een klant waardevol zijn.
Ook binnen de branche waar ik het meest werk, de ICT, zie ik hoe beslissingen vaak eenzijdig op basis van 'de pegels' worden genomen. Hoe soms de ICT wordt uitbesteed omdat dat goedkoper is, zonder dat men kijkt wat er nu precies voor dat lagere bedrag wordt geleverd.
Soms denk ik: beste managers, jullie hebben toch allemaal geleerd over de Balanced Scorecard? Die niet voor niets Balanced Scorecard heet: financiën doen ertoe, maar ook wat je je klant levert, of het intern allemaal geregeld kan worden, en of je voldoende investeert in groei en ontwikkeling voor de toekomst.
En wanneer managers waarde en prijs verwarren, kijken klanten en medewerkers over het algemeen niet zo zielsgelukkig als de deelnemers aan Tussen Kunst en Kitsch die van de expert horen dat het vaasje dat ze van oudtante Gemma hebben geërfd opeens duizend euro 'waard' blijkt te zijn.
maandag 24 november 2014
Wat de 'Wolf of Wall Street' van een eend kan leren
Volgens Jordan Belfort, zo schreef de Volkskrant afgelopen week, kun je mensen in twee soorten opdelen: Eenden en Adelaars.
Adelaars gaan ervoor, zegt Belfort, en Eenden kwaken alleen over waarom ze niets bereiken. Zijn 1500 toehoorders in de RAI zijn natuurlijk Adelaars, stelt hij, alleen al omdat ze bij zijn seminar zijn.
En dat horen ze graag.
Eenden, adelaars: een nadere kennismaking
Nu heb ik een grote sympathie voor eenden, vooral sinds mijn vrouw me, toen we net iets hadden, het boekje van Max Velthuijs gaf waarin Kikker verliefd wordt op Eend.
De Eend van Max Velthuijs is lief, zacht en zorgzaam, en maakt zich inderdaad wel eens druk over dingen alvorens iets te doen.
Jordan Belfort maakt zich niet merkbaar druk over dingen. Hij is meer dan een Adelaar, hij is de 'Wolf of Wall Street', de man die in de jaren negentig onervaren beleggers massaal van hun geld afhielp met waardeloze aandelen.
Later getuigde hij tegen zijn partners en ondergeschikten om zijn eigen gevangenisstraf tot 22 maanden te beperken. Zijn memoires werden verfilmd door Martin Scorsese met Leo DiCaprio in de hoofdrol. Als 'motivational speaker' verdient hij volgens eigen zeggen nu meer dan in zijn beste jaren als aandelenfraudeur. De Volkskrant vond zijn praatje in de RAI aanleiding voor een paginagroot artikel.
Hoewel hij zijn slachtoffers nog lang niet heeft terugbetaald, en regelmatig schuldeisers moet ontwijken, zit Jordan Belfort duidelijk weer in de lift.
De populariteit van de Grote Boze Wolf
De vraag is waarom die 1500 luisteraars daar voor minimaal 87 euro per persoon zitten. Het is natuurlijk prima om het af en toe te horen: kom uit je luie stoel als je iets voor elkaar wilt krijgen, geloof in jezelf, wees niet bang om af en toe op je gezicht te gaan. Maar of het erg vernieuwend is?
Eerlijk gezegd denk ik dat velen vooral de Grote Boze Wolf van dichtbij wilden zien en van hem horen dat ze Adelaars zijn. Grote Boze Wolven zijn nu eenmaal aantrekkelijk.
Belfort is niet de enige Grote Boze Wolf die mensen aan zijn lippen heeft hangen. Zo wordt de markt van flirt- en versiercoaches momenteel nogal gedomineerd door lieden (Julien Blanc is het meest beruchte voorbeeld, maar ook 'onze eigen' Tim Veninga kan er wat van) die hun klanten voorhouden dat je de vrouw die je wilt versieren het beste like shit kunt behandelen.
Nog afgezien van het vrouwonvriendelijke karakter vraag ik me af of je iemand die verlegen is bij vrouwen echt helpt door hem te leren zijn zelfvertrouwen op te hangen aan het over grenzen gaan of vernederen van anderen.
Zwart-wit
Het probleem met Jordan Belfort, Julien Blanc en helaas heel veel andere 'goeroes' is dat ze maar twee smaken kennen. Of je bent een loser die op de grond blijft zitten, of je bent een winner die zijn ladder tegen de muur zet en gaat klimmen, zonder te bedenken of je ladder misschien niet tegen de verkeerde muur staat, of op de voeten van iemand anders.
In werkelijkheid hebben we allemaal wel iets in ons van de Adelaar en van de Eend. Welke van de twee het meest wakker geschud moet worden hangt van de persoon en de situatie af. En ik denk dat veel Eenden (terecht) Jordan Belfort niet de meest geschikte persoon vinden om de Adelaar in hen wakker te schudden. Eenden hebben vaak een goede antenne voor mensen die ladders op de voeten van anderen neerzetten.
Op deze manier bevestigen mensen als Jordan Belfort en Julien Blanc vooral Eenden en Adelaars in hun stereotiepe rol. En dat is niet iets wat je als coach of motivational speaker zou moeten nastreven.
Laatste les van de Eend
En als Jordan Belfort zelf iets meer van een Eend had gehad, waren er een hoop minder mensen financieel geruïneerd geweest, had hij zelf niet bijna twee jaar in de cel gezeten, en hoefde hij nu niet om zijn schulden af te betalen anonieme mensen in de RAI vertellen dat ze Adelaars zijn, enkel en alleen omdat ze naar hem luisteren.
Adelaars gaan ervoor, zegt Belfort, en Eenden kwaken alleen over waarom ze niets bereiken. Zijn 1500 toehoorders in de RAI zijn natuurlijk Adelaars, stelt hij, alleen al omdat ze bij zijn seminar zijn.
En dat horen ze graag.
Nu heb ik een grote sympathie voor eenden, vooral sinds mijn vrouw me, toen we net iets hadden, het boekje van Max Velthuijs gaf waarin Kikker verliefd wordt op Eend.
De Eend van Max Velthuijs is lief, zacht en zorgzaam, en maakt zich inderdaad wel eens druk over dingen alvorens iets te doen.
Jordan Belfort maakt zich niet merkbaar druk over dingen. Hij is meer dan een Adelaar, hij is de 'Wolf of Wall Street', de man die in de jaren negentig onervaren beleggers massaal van hun geld afhielp met waardeloze aandelen.
Later getuigde hij tegen zijn partners en ondergeschikten om zijn eigen gevangenisstraf tot 22 maanden te beperken. Zijn memoires werden verfilmd door Martin Scorsese met Leo DiCaprio in de hoofdrol. Als 'motivational speaker' verdient hij volgens eigen zeggen nu meer dan in zijn beste jaren als aandelenfraudeur. De Volkskrant vond zijn praatje in de RAI aanleiding voor een paginagroot artikel.
Hoewel hij zijn slachtoffers nog lang niet heeft terugbetaald, en regelmatig schuldeisers moet ontwijken, zit Jordan Belfort duidelijk weer in de lift.
De vraag is waarom die 1500 luisteraars daar voor minimaal 87 euro per persoon zitten. Het is natuurlijk prima om het af en toe te horen: kom uit je luie stoel als je iets voor elkaar wilt krijgen, geloof in jezelf, wees niet bang om af en toe op je gezicht te gaan. Maar of het erg vernieuwend is?
Eerlijk gezegd denk ik dat velen vooral de Grote Boze Wolf van dichtbij wilden zien en van hem horen dat ze Adelaars zijn. Grote Boze Wolven zijn nu eenmaal aantrekkelijk.
Belfort is niet de enige Grote Boze Wolf die mensen aan zijn lippen heeft hangen. Zo wordt de markt van flirt- en versiercoaches momenteel nogal gedomineerd door lieden (Julien Blanc is het meest beruchte voorbeeld, maar ook 'onze eigen' Tim Veninga kan er wat van) die hun klanten voorhouden dat je de vrouw die je wilt versieren het beste like shit kunt behandelen.
Nog afgezien van het vrouwonvriendelijke karakter vraag ik me af of je iemand die verlegen is bij vrouwen echt helpt door hem te leren zijn zelfvertrouwen op te hangen aan het over grenzen gaan of vernederen van anderen.
Zwart-wit
Het probleem met Jordan Belfort, Julien Blanc en helaas heel veel andere 'goeroes' is dat ze maar twee smaken kennen. Of je bent een loser die op de grond blijft zitten, of je bent een winner die zijn ladder tegen de muur zet en gaat klimmen, zonder te bedenken of je ladder misschien niet tegen de verkeerde muur staat, of op de voeten van iemand anders.
Op deze manier bevestigen mensen als Jordan Belfort en Julien Blanc vooral Eenden en Adelaars in hun stereotiepe rol. En dat is niet iets wat je als coach of motivational speaker zou moeten nastreven.
Laatste les van de Eend
En als Jordan Belfort zelf iets meer van een Eend had gehad, waren er een hoop minder mensen financieel geruïneerd geweest, had hij zelf niet bijna twee jaar in de cel gezeten, en hoefde hij nu niet om zijn schulden af te betalen anonieme mensen in de RAI vertellen dat ze Adelaars zijn, enkel en alleen omdat ze naar hem luisteren.
Abonneren op:
Reacties (Atom)







